Een ‘jongere’ is geen leeg vat
Minister Anciaux schetste gisteren de nood aan een generatiepact met een klemtoon op de jeugd. Rob De Donder en Stefaan Marien scharen zich maar al te graag achter dit idee. ‘Maar we hopen ook dat het Vlaamse Parlement en de Vlaamse regering zijn oproep niet negeert.’
Het voorbije weekend kopte De Standaard een maatschappelijk doelpunt met het artikel ‘Mijn kind wil dood’. Blijkt dat één op de tien Vlaamse tieners zichzelf pijn doet en dat tot 2,5 maal meer jongeren dan in Nederland een poging tot zelfdoding achter de rug heeft. Kern van het verhaal: als kinderen seismografen zijn van wat in de maatschappij beweegt dan gaat het niet de goed kant uit’, vertelde een van de therapeuten. Gisteren maakte Minister van Jeugd, Bert Anciaux (Spirit), in deze krant de balans op. Er is nood aan een generatiepact met de klemtoon op de jeugd. Dit begint met het erkennen van kinderen en jongeren als groep in de samenleving. Als Vlaamse Jeugdraad kunnen we deze oproep alleen maar ondersteunen en met deze willen we alvast een voorzet geven.
Jongeren zijn volwaardig lid van onze samenleving, dat maakt dat vragen over jongeren niet los gezien kunnen worden van de context waarin jongeren vandaag opgroeien. Kritiek op jongeren – of evengoed bezorgdheid over jongeren – vraagt een reflectie op de maatschappij. En daar knelt het schoentje.
Wij ervaren dat jongeren vooral als maatschappelijke groep of als aparte categorie worden gezien als er zich een probleem voordoet. Een probleem dat ze zelf veroorzaken (overlast, nachtlawaai) of een probleem waar ze aan worden blootgesteld (gevaarlijke games, het verkeer). Dat manifesteert zich de laatste tijd in een lawine van nieuwe verbods- en gebodsmaatregelen. Het enthousiasme om met diezelfde groep jongeren als volwaardige gesprekspartner aan de slag te gaan om dingen op te bouwen, is doorgaans een stuk kleiner.
De mogelijkheid om op te groeien in een omgeving waar jongeren zich geborgen weten en waar ze met leeftijdsgenoten kunnen omgaan en van gedachten kunnen wisselen is nochtans terug te vinden in alle theorieën over socialisatie en opvoeding. Dat moet dan ook het uitgangspunt zijn voor onze Vlaamse beleidsmakers.
Zoals ook pedagoge Maria Debie stelt moet een goed jeugdbeleid rekening houden met de interesses en behoeften van jongeren. Jongeren moeten zich herkend weten in het beleid. De problemen die gedefinieerd worden, moeten vertrekken van de leefwereld van jongeren.
Alle mogelijke opvoeders zitten vaak mee rond de tafel maar de echte opvoedingsnoden of levensvragen van jongeren vormen onvoldoende een uitgangspunt van verdere plannen. Laat staan dat ze bekend zijn.
Jongeren vragen ook een beleid waarin ze zich erkend weten, zich gewaardeerd voelen als effectief deel van de samenleving. De laatste tijd zagen we echter nogal wat acties gericht op jongeren die voorbeelden zijn van hoe het niet moet. Denk maar aan de bezorgde burgemeester van Temse of de bestelbonnen voor Mosquito’s die hangjongeren moeten verjagen.
Tenslotte moeten jongeren zich gericht aangesproken weten op hun belang voor deze samenleving. Jeugdonderzoek toont aan dat jongeren krachtige partners kunnen zijn in de vormgeving van onze samenleving als ze daartoe worden aangesproken. Dan is er pas echt sprake van participatie. Als Vlaamse Jeugdraad zien we bijvoorbeeld dagelijks dat jongeren zich verenigen binnen allerhande formele en informele (jeugdwerk)verbanden en daar hun eigen analyse maken, meningen vormen en hun verenigingen mee vorm geven.
Bovenstaande uitgangspunten moeten de kern zijn van een participatief en geïntegreerd jeugdbeleid in Vlaanderen.
Zolang onze kijk op jongeren echter overheerst wordt door het idee dat jongeren enkel toekomstige belangen hebben en geen actuele actoren zijn, komen we er niet. ‘De jongere’ is geen leeg vat dat gevuld moet worden met kennis en vaardigheden met het oog op hun toekomstige leven als volwassenen. De jeugd zit al te lang in ondergeschikte en passieve posities. Socioloog Marc Elchardus vertelt daar het volgende over: ‘In vergelijking met de positie van jongeren in andere culturen en vroegere tijden is dat hét onderscheidende kenmerk van de hedendaagse jeugd. De jongeren zitten als het ware in de wachtkamer van de maatschappij.’
De basiswaarden in maatschappelijk samenzijn zoals welzijn, de mogelijkheid vriendschappen te ervaren, verdraagzaamheid, solidariteit of participatie sluiten aan bij de essentie van het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind. Jammer genoeg bewijzen tal van spelers in het middenveld en politiek vooral lippendienst aan deze uitgangspunten, maar is er nog wat schroom om ze werkelijk de kern te maken van het brede jeugdbeleid.
We zijn blij dat de minister van jeugd de kat de bel aanbindt, maar je kan niet verwachten van een minister van Jeugd dat hij dit alles in zijn eentje klaart. We hopen dan ook dat het Vlaamse Parlement en de Vlaamse regering zijn oproep tot een jongerengeneratiepact niet negeert.
Filter persberichten
Contactgegevens
- Rob De Donder
- 02 551 13 68 of 0472 74 91 39
- rob.dedonder@vlaamsejeugdraad.be
